Hete Soep: Met je handen eten bij de Eritreeër

Leeuwarden telt inmiddels enkele honderden inwoners van Eritrese afkomst, dus de komst van een Eritrees eethuis kon niet uitblijven, zou je kunnen zeggen.

In juli opende het Eritrees en Ethiopisch restaurant Moseb de deuren aan de Kelders, in het pand waar tot enkele jaren geleden Turks restaurant Bosporus gevestigd was, en in een nog verder verleden Portugees getafeld kon worden.

Eerder was het Leeuwarder horecawereldje al verrijkt met Ethiopisch eethuis Sarah in de Grote Hoogstraat, en hoewel Hete Soep hier nog niet at, weten we uit ervaring dat Eritrees en Ethiopisch eten veel gelijkenissen toont.

Wij lopen Moseb binnen op een vrijdagavond. Onze reservering is niet doorgekomen, maar dat is geen probleem. Er is plek genoeg voor eters, al heeft het etablissement op dat moment meer weg van een soos. De meeste tafeltjes in het voorste gedeelte zijn gevuld met pratende en bier drinkende Eritrese jongemannen. Slechts één vrouw zien we.

Moseb voorziet duidelijk in de behoefte van een ontmoetingsplek voor Eritreeërs. Dinergasten zien we niet, maar een hapje eten is zeker mogelijk, zegt onze ietwat nerveus overkomende gastheer. We strijken neer aan een tafeltje op de verhoging, achter in het pand. Naast ons zitten twee jongens te kaarten.

Het menu van Moseb is verrassend uitgebreid. Vooral de keuze aan hoofdgerechten is ruim. De twee jongsten kiezen voor sambussa om mee te beginnen: schelpjes van dun deeg gevuld met linzen, ui, hete groente en kruiden. Ze smullen van de gefrituurde flapjes met kruidige en ietwat pittige vulling. Mijn ‘vegisoep’ lijkt een Eritrese variant van de Hollandse groentesoep: goed gevuld met ui, knoflook, aardappel, wortel, kool, groene paprika en op smaak gebracht met gember en rozemarijn. De Mosebsalade aan de overkant smaakt prima, maar is niet heel bijzonder; sla met groene paprika, tomaat, ui, witlof en rode biet. De Zuid-Afrikaanse rode wijn die we erbij drinken is opvallend licht van kleur; het lijkt bijna een rosé.

Je moet wel de tijd nemen voor een avondje Eritrees tafelen, merken we. Zowel op de voor- als hoofdgerechten moeten we vrij lang wachten, terwijl we nota bene de enige eters zijn. Kennelijk waren ze toch niet helemaal voorbereid op eters. Misschien is het een idee om als voorafje een hapje van het huis te serveren.

We hebben in elk geval ruim de tijd om de omgeving goed in ons op te nemen. Aan de witte muren hangen enkele Eritrese wandversieringen. Verder oogt, vooral het achterste gedeelte, nog wat kaal. We hebben zelf het kaarsje op onze tafel maar aangestoken. Het voorste deel, met de mooie tegelvloer, een groot muurschilderij en een hoekje dat speciaal is ingericht voor het Eritrese koffieritueel, is sfeervoller.

De eigenaar van de zaak, Tedros Mahari, is vanavond niet aanwezig, horen we. Mahari kwam in 2011 naar Nederland en belandde, na andere beroepen te hebben gehad, in een Ethiopisch restaurant. Hij bleek affiniteit te hebben met het horecawerk en deed ervaring op bij verschillende koks. In juni verhuisde hij van Amsterdam naar Leeuwarden om zijn eigen restaurant te openen. Zijn doel, aldus de site, is om mensen te laten genieten van de Oost-Afrikaanse sfeer in zijn eethuis en kennis te laten maken met de Eritrese keuken; kenmerkend is dat iedereen eet vanaf een grote schaal of kom.

Dat laatste ervaren we zelf bij het hoofdgerecht. Dat is zo omvangrijk dat het wordt opgediend door de gastheer en zijn vrouwelijke collega. De vegetariërs onder ons krijgen elk een eigen ‘Moseb’, een platte schaal met pannenkoekjes en daarop verschillende hapjes zoals gepureerde rode linzen, gekookte pompoen en gehakte boerenkool.

De jongste en ik delen een grote schaal, gepresenteerd met een kleurrijk ‘deksel’. Hierop liggen enkele injera’s, pannenkoekjes gemaakt van teffmeel, een mineraalrijk Ethiopisch graan. Daarbij nog een bord met losse pannenkoekjes. Uitleg krijgen we er niet bij, maar vanuit een eerdere Eritrese eetervaring weten we een beetje hoe het werkt: je neemt met je rechterhand een stukje injera en schept daarmee de gerechtjes die op de pannenkoek liggen op: onder meer stukjes lamsvlees, een kippenboutje in dikke rode pepersaus, hardgekookt ei, boerenkool en salade.

Het is allemaal lekker en goed klaargemaakt, wel vinden we het ietwat onwennig om met onze handen te eten. ,,Het is een bijzondere ervaring’’, vindt dochter. En dat is het. Halverwege zitten we zo te kliederen dat we toch maar om bestek en servetjes vragen, en dat is geen enkel probleem. Kunnen we meteen nog een Eritrees biertje bestellen.

Alleen de - volgens recept - ietwat zure pannenkoeken vallen niet bij iedereen in de smaak, en blijven voor een deel liggen. Het is toch al een vullend geheel. Om die reden, en omdat we niet zo’n zin hebben om weer een poos te moeten wachten, laten we de nagerechten schieten. Al had ons een stukje baklava of bolletje citroenijs best lekker geleken.

We rekenen 79 euro af, een vrij bescheiden bedrag voor een tweegangendiner voor vier personen, en concluderen dat Leeuwarden een eetgelegenheid rijker is waar je een bijzondere eetervaring kunt opdoen. Tot nog toe komen er vooral landgenoten, vertelt de gastheer. ,,Het zou leuk zijn als er wat meer Nederlanders komen.’’ Mede om die reden introduceerde Moseb elke zaterdag en zondag een ‘buffet’: een uur eten met een drankje voor 16 euro.

Rolstoelvriendelijk: ?Vegetarisch: jaParkeren: onder andere parkeergarage Hoeksterend

Restaurant MosebKelders 17, Leeuwardenwww.restaurantmoseb.nl