Voorstelling De Grins tussen taal en toekomst

Leeuwarden

In Tresoar is donderdag 12 oktober om 20.00 uur de door Theo Smedes geregisseerde voorstelling De Grins te zien van de stichting Breinroer. Wybe Koldijk en Thijs Meester geven de theatervoorstelling vorm waarbij de vraag ‘Wat ha wy noch, wat ferlieze wy en wêr leit de grins’ centraal staat.

Waar ligt de grens tussen taal en toekomst, zo vragen Koldijk en Meester zich af. En daar blijft het niet bij. Ook het publiek mag via stemmen met Friese vlaggetjes ‘meepraten’ over de geopperde stellingen van beide acteurs. Het idee voor deze theatervoorstelling begon twee jaar geleden voorzichtig toen Koldijk en Meester elkaar ontmoetten tijdens de film Bak van Auke de Witte naar een boek van Sietse de Vries. ,,Wy moatte in kear wat dwaan mei dy spagaat wêr’t de Fryske taal yn sit’’, zo zeiden beide acteurs tegen elkaar. Vanaf dat moment verzamelden beiden krantenknipsels met de Fryske taal als onderwerp. ,,Wy hienen sa’n stapel’’, zo zegt Koldijk terwijl hij de handen royaal uit elkaar houdt. Een kleinschalige voorstelling die overal gespeeld kan worden met de nadruk op contact met het publiek, zo luidde de doelstelling. Een voorstelling met een variant op de toneelformule zoals die gehanteerd wordt door De Verleiders met onder andere Tom de Ket en George van Houts. Koldijk: ,,Wy stappe sa no en dan ek út eigen foarstelling wei, sa’t dat ek dien wurdt by de Verleiders.’’ Toneel op basis van improvisatie betekent echter niet dat er geen vast format noodzakelijk is. De improvisaties werden opgenomen met een camera en Smedes verwerkte het in een script. De spanning zit hem in de tegenstelling Friesland museumland of een modern Friesland. Meester vertolkt de moderne stroming en dat is voor de acteur in de zo succesvolle Elk Sines over café De Kliuw niet verbazingwekkend. ,,Ik bin in Ljouwerter dy’t yn Kollum opgroeid is, ik moast earst net sa folle fan dat Frysk ha.’’ Tot hij vijftien jaar geleden werd gevraagd door zijn broer die regisseur was bij een toneelvereniging. ,,Moatst my helpe, mar it is wol yn it Frysk’’, zo luidde de noodkreet. Reden voor Meester om zich min of meer noodgedwongen in de Friese taal te verdiepen. Hij vertegenwoordigt de stroming die naar de moderne tijd wil terwijl Koldijk zich steeds meer terug trekt achter de ‘fundamentalistische’ barricades. Smedes: ,,Wy litte it publyk stemme oer bepaalde stellingen, meiprate kin net want dan ‘blubbert’ it alle kanten út.’’ De voorstelling wil geen echte mening ventileren maar heeft als intentie het publiek een spiegel voor te houden. Met het zeewater en de zeedijk als metafoor, moeten wij dijkbewaking hanteren om de eigen taal te bewaren of verwaarlozen wij die denkbeeldige grens van de zeedijk onder het motto van: laat de moderne tijd zijn gang maar gaan. Met als belangrijke neventaak de ‘stickeraars’ van nu aan te pakken die overal ‘provinciaal’ of ‘boeren’ op plakken als het buiten eigen ervaringswereld valt. Meester noemt het de ‘woede over de talrijke vooroordelen kanaliseren’, zeker nu het jaar LF2018 voor de deur staat. Want over één ding zijn alle drie het eens: het Friese theater en de Friese cultuur staan aan de zijlijn in het culturele jaar dat komen gaat. Kaarten zijn te krijgen bij degrensdegrins@gmail.com of 0646084772. Tekst: Rynk Bosma

Auteur

admin